Nieuws van politieke partijen in Nederland inzichtelijk

451 documenten

Jesse & Sahil Amar Aïssa | GroenLinks

GroenLinks GroenLinks Nederland 12-08-2020 00:00

Allebei komen ze uit Roosendaal. Allebei hebben ze Rico Verhoeven hun jas laten ophangen en allebei hebben ze een Nederlands-Marokkaanse achtergrond. Jesse Klaver (33) is al 5 jaar fractievoorzitter van GroenLinks en Sahil Amar Aïssa (27), werkt als presentator en programmamaker bij BNN-VARA. Hij is de eerste gast in Jesse&, de tweewekelijkse podcast waarin Jesse Klaver spreekt met gasten die hem fascineren. Over vaderschap, kapitalisme of de beste nachtclub van Roosendaal.

Luister de aflevering Jesse& Sahil Amar Aïssa op Spotify Luister de aflevering Jesse& Sahil Amar Aïssa op Apple Podcasts Bekijk het gesprek Jesse& Sahil Amar Aïssa op YouTube

In de studio van Dag en Nacht Media beginnen de twee meteen met lachen en het oprakelen van hun geboorteplaats Roosendaal, bekende Roosendalers en waar ze vroeger gingen stappen.

Jesse lachend: “Weet je wie dus een bekende Roosendalers is? Rico Verhoeven! Hij heeft als bijbaan toen jassen opgehangen waar wij altijd gingen stappen”.  

Sahil: “Nee!”

Jesse: “Ja! Ik kwam ‘m laatst tegen en toen vertelde hij dat. Toen herkende ik hem in één keer. En toen wist ik weer dat mijn vrienden zeiden: "jongen, die gast bij de jassen, die kan echt vechten.”

Sahil: “Haha, dan heeft hij ook mijn jas opgehangen. Wel een fijne gedachte dat de grootste badass van Nederland zo dienstbaar was om jouw jas op te hangen”.

Van Roosendaal naar vaderschap. Sahil heeft geen kinderen terwijl Jesse vorig jaar vader werd van zijn derde zoon.

“Oprecht iedereen die over kinderen praat is altijd zo blij en gelukkig.” Zegt Sahil. “En dan denk ik van ja, maar je kan me niet vertellen dat je niet fucking bang was toen je de eerste kreeg.”

Jesse: “Superbang.”

Jesse: “Waar die angst vandaan komt? Uit totale onzekerheid. Je ziet het lichaam van je vrouw anders worden. Op een gegeven moment voel je het kind een beetje schoppen. Leuk, maar het is nog steeds totaal science fiction en komt er, nadat je je vrouw ziet zweten en werken als een beest, op een gegeven moment een kind.”

“Ik merk nu”, zegt Sahil, “Dat ik heel graag van die onschuld die kinderen hebben wil leren. Die onafhankelijkheid. Gewoon die vrije wil om alles te zeggen. Wij hebben nog heel vaak een filter en zij zeggen gewoon wat ze willen”.

Jesse is opgegroeid zonder vader en werd veel opgevoed door zijn opa. Die nam hem mee naar demonstraties en vertelde hem bijvoorbeeld over de kwalijke effecten van de bio-industrie. Alles onder één belangrijk motto: “er kan altijd iets geleerd worden”.

“Mijn opa bracht mij van alles bij”, vertelt Jesse. “Dus opa heeft net voor zijn dood nog wel eens gezegd: ‘het spijt me dat ik altijd wat probeerde bij te brengen.’ Iets wat ik nu juist ook bij mijn eigen kinderen doe. Altijd alles uitleggen. Over wat er gebeurt. Vaak dingen die eigenlijk totaal niet geschikt zijn voor kinderen.”

“Je lijkt wel op mijn vader”, lacht Sahil. “Mijn pa liet me ook kijken naar nieuwszender Al Jazeera en die vertelde me gewoon over hoe fucked up alles eigenlijk is. Ik ben er wereldwijs van geworden, ik kan veel beter, denk ik, relativeren dan anderen. Maar ik ben er wel een flink stuk cynischer door geworden.”

Jesse: “Jij? Cynisch?”

“Ik ben wel cynisch over de stand van zaken rondom de wereld, maar ik probeer het niet ten koste laten gaan van mijn eigen plezier. Maar dat is echt lastig”, zegt Sahil. “Wij zijn allebei best activistisch ingesteld. Dan zijn er mensen die zeggen: 'Wat leuk. Al die activisten.' Dan denk ik: waar heb jij het over? We voelen ons verantwoordelijk voor verandering. Het is niet ‘leuk’ om met z'n allen naar de Dam te gaan. Het is juist heel ernstig en heel oneerlijk dat een zwart kind van vijftien naar de Dam moet om te protesteren voor gelijkwaardigheid terwijl een wit kind uit Blaricum diezelfde dag gewoon naar hockey gaat. Dan vraag ik me af of het wel goed is om dan een kind te belasten met de stand van zaken in de wereld.”

Sahil en Jesse zijn beiden tweede generatie Marokkaans-Nederlands. Volgens Sahil is dat een heel logisch deel van Jesse zijn identiteit.

Sahil: “Jij bent een Marokkaanse-Nederlander. Ongeacht wat mensen om ons heen zeggen.” Jesse lacht: “Nou, daar denken heel veel andere mensen anders over.”

“Maar daar mogen ze helemaal niets over vinden”, zegt Sahil. Jij bent gewoon Marokkaanse-Nederlander, want jouw vader heeft de reis vanuit Marokko gemaakt. Je hebt één cultuur meegekregen omdat je bent opgegroeid zonder Marokkaanse vader, maar sinds drie jaar ben je eigenlijk dus ook bi-cultureel.”

Jesse: “Dat ligt nog iets anders.”

Sahil: “Oh, je hebt natuurlijk ook in Indische roots!”

Jesse: “Ja, mijn oma was Indisch.”

Sahil lacht: “Wow, jij bent zo'n enigma jongen.”

Jesse vertelt dat hij inmiddels af en toe langsgaat bij zijn vader waarmee hij sinds het overlijden van zijn moeder contact mee heeft.

“Wat betreft het missen van mijn vader. Ik ken hem nu drie jaar en als hij nu zou wegvallen, zou ik hem missen. Dat komt omdat ik nu wéét wat ik mis. Vroeger wist ik niets. Alles wat mijn moeder, mijn oma of opa ooit over mijn vader heeft gezegd, is dat het ‘onwijs gecompliceerd was’ en dat een hele lieve man was.”

“Maar nu ken ik sinds drie jaar mijn vader en ben ik ook trots op mijn Marokkaans-Nederlandse roots, zoals ik trots ben op de Indische cultuur. Maar het rare is. Ik had laatst een gesprek met een aantal mensen uit de Black Lives Matter-beweging en daar zei iemand dat ik als lijsttrekker van GroenLinks zo wit ben.”

Sahil reageert: “Dat kan je dus niet zeggen. Dat kun je niet voor een ander invullen. Ik heb ook vaak gehad dat iemand zegt: ‘jij bent toch niet echt Marokkaans?’ Dat merk ik ook op mijn werk. Alleen omdat ik de talen spreek, de muziek en het eten hier ken, dat ik ‘niet écht Marokkaans ben’? Dan denk ik: waar haal je het lef vandaan om mijn hele persoon weg te wimpelen?”

“Die vraag raakt de kern van je identiteit, waar je je zelfverzekerdheid en je wereldbeeld vandaan haalt,”, legt Sahil uit. “Het is een deel van jouw geschiedenis. Jouw wortels reiken uit naar het Rif en dat kan niemand afhakken.”

Jesse: “Dat is zo. Ik heb heel lang niets gezegd over mijn Marokkaanse roots, omdat het heel lang onnatuurlijk voelde. Omdat ik me onzeker voelde over dat stuk van me.”

Sahil vraagt zich in de podcast af hoe Jesse nu omgaat met zijn ‘nieuwgevonden Marokkaanse identiteit’ in de politiek.

“Hoe ga je jezelf profileren? Ga jij het uitspreken? Ga je het met trots dragen? Dan heb je natuurlijk een risico dat extreemrechts nog feller tegen je wordt. Maar tegelijkertijd heb je een risico dat een deel van Nederland gaat denken: ’Hij gebruikt het om de Marokkaans-Nederlandse stemmers te paaien’.”

Jesse: “je kunt het eigenlijk nooit goed doen. Want tegelijkertijd is er een groep mensen die zeggen: ‘jij mag niet mee doen met ons, want je bent niet écht bi-cultureel’. Eerlijk, mijn echte antwoord is dat het me geen reet meer uitmaakt wat mensen ervan vinden.”

Sahil: “Wat jij doet is je eigen culturele identiteit ontdekken. En daar heeft ieder mens recht op. Alleen gebeurt het bij jou in een politieke context, dat wordt je soms niet in dank afgenomen, of je wordt meteen anders geprofileerd.

Daarom denk ik dat je het moet uitspreken. Dat je het met trots moet dragen. Zo inspireer je volgens mij een hele slag Marokkaans-Nederlandse jongeren. De lijsttrekker van GroenLinks of de premier is Marokkaans-Nederlands.”

“En dit heb ik dus onwijs onderschat”, zegt Jesse. “Ik heb me nu een paar keer uitgesproken en dat voelde toen nog best wel eng. En dan zijn de reacties die je krijgt van mensen met een bi-culturele achtergrond mooi; ‘wow wat fijn dat je dat uitspreekt.’ Het maakt het voor mij makkelijker om trots te zijn op wat ik doe. Daar werd ik wel een beetje emotioneel van.”

Jesse: “Je sprak eerder over het protest op de Dam. En weet je, eigenlijk maakt het mij onwijs optimistisch. Dat het voor het eerst zo resoneert. Dat ik zoveel mensen spreek die zeggen: ‘ja, dit kan echt niet.’ En zich bewust worden van de privileges die je hebt. De kunst vind ik nu nog het balanceren tussen het schuldgevoel en dat we het omzetten in echte actie. Dus dat er ook werkelijk iets verandert.”

Sahil en Jesse zijn het eens dat er wel weinig ruimte is om fouten te maken.

Jesse: “Er is een tendens gaande dat als iemand iets zegt dat niet correct is, je dat je mensen in paniek ziet raken. ‘Dit mag je echt niet zeggen!’ Nee, klopt. Dit mag ik ook niet zeggen. Sorry. Er moet wel ruimte zijn om fouten te maken, om met elkaar om te gaan. Als ik jou bijvoorbeeld nu beledig met een opmerking en jij zegt: gast dat kan echt niet. Dan past mij maar één ding: Sorry zeggen.”

Sahil: “Andersom geldt het ook. Als iemand in het offensief gaat, is de tegenreactie om in het defensief te schieten. We moeten inderdaad meer ruimte voor elkaar overlaten. Ik heb het bij mezelf ook wel eens gemerkt. Dan zei iemand iets over Marokkanen en dan ging ik er heel fel tegenin. Maar nu denk ik, ‘wacht, als ik dit doe, dan ga ik de confrontatie en dan zie je de ander altijd als de vijand’.”

Sahil en Jesse praten nog door over Marokko, over de regio waar Jesse’s vader vandaan komt en of Jesse de taal spreekt.

“Weet je wat we zouden moeten doen?”, stelt Sahil voor. “Een roadtrip het Rif in Marokko!” 

Jesse reageert enthousiast: “Daar ben ik wel echt benieuwd naar. Wat zie je daar? Wat tref ik daar? Hoe? Hoe was het? Wat vertelt hoe dat dan is om op te groeien?”

“Waar komt jouw vader vandaan?” Vraagt Sahil.

“Uit El Hoceima”, zegt Jesse

Sahil: Ja! Laat maar weten wanneer we gaan. We hebben een appartementje daar!”

Jesse: “Serieus? Gaan we samen?”

Sahil: Ja man, I can show you the spots!”

Dit was Jesse& Sahil Amar Aïssa. Je kunt de hele aflevering luisteren of bekijken op Youtube, Spotify of Apple Podcast.

Luister de aflevering Jesse& Sahil Amar Aïssa op Spotify Luister de aflevering Jesse& Sahil Amar Aïssa op iTunes Bekijk het gesprek Jesse& Sahil Amar Aïssa op YouTube

Volgende week in Jesse& spreekt Jesse met de Algemeen directeur van PSV: Toon Gebrands. Als sportcoach en manager van een veeleisend team spreken ze hoe ze hun eigen teams het best kunnen laten presteren. Niks missen van Jesse&? Abonneer je op de podcast via Spotify, iTunes of je favoriete podcastapp.

Terecht economisch stevige afspraken als ruil voor hulp, maar Europa als waardengemeenschap zet een te kleine stap vooruit

ChristenUnie ChristenUnie Nederland 21-07-2020 09:40

Door Eppo Bruins op 21 juli 2020 om 11:36

Terecht economisch stevige afspraken als ruil voor hulp, maar Europa als waardengemeenschap zet een te kleine stap vooruit

Europa kan alleen samen verder komen als alle landen bereid zijn hun economie te hervormen. Dat is in het belang van de EU en van Nederland. Daarom is het een goede stap dat de leningen en subsidies die zijn afgesproken op de Europese Top gepaard gaan met stevige afspraken op het gebied van economische hervorming.

Landen die een beroep willen doen op de fondsen zullen moeten hervormen op het gebied van pensioenen, arbeidsmarkt en belastingen. Het is daarnaast terecht dat er voor het eerst een koppeling is gelegd tussen financiële steun en de situatie van de rechtstaat. Deze afspraken gaan helaas minder ver en vragen om voortdurende waakzaamheid in de uitwerking.

Het wordt eindelijk mogelijk om zuidelijke landen aan te spreken op begrotingsafspraken en noodzakelijke economische hervormingen zodat zij in de toekomst financieel de eigen broek ophouden. Als een land zich niet aan de afspraken houdt, kan ieder land apart aan de noodrem trekken en wordt de betaling tijdelijk tegengehouden. Maar Europa als waardengemeenschap heeft echt een kans laten liggen. De afspraken over de rechtsstaat hadden concreter gekund en gemoeten.

De inzet van dit kabinet was om te voorkomen dat Europa verandert in een permanente schuldenunie met gezamenlijke Eurobonds. Daar is Europa niet mee geholpen is onze overtuiging. Dat is met dit akkoord voorkomen. Tegelijkertijd is de kans groter geworden dat landen met een kwetsbare economie die zwaar geraakt zijn door de coronacrisis in staat zullen zijn hun economie te hervormen. In een tijd van wereldwijde onrust is het onmisbaar dat we met onze Europese buurlanden werken aan een gezamenlijke toekomst waarin we allen floreren.

De Nederlandse bijdrage aan het meerjarig financieel kader (MFK) gaat niet omhoog, zoals het er nu uit ziet. Tegelijk zal het MFK wel worden besteed aan zaken waar ook Nederland van profiteert, zoals innovatie, meer controle op de buitengrenzen van Europa en een verduurzaming van de Europese economie. Alles afwegende zijn we gematigd positief over het compromis dat is bereikt. Het was zeker geen gelopen race dat na de Brexit de Nederlandse opstelling, samen met de andere zuinige landen, zou stand houden. Maar de invloed de “frugals” is duidelijk terug te zien in het resultaat.

Financiering Europese Investeringsbank moet transparanter en groener | GroenLinks

GroenLinks GroenLinks Nederland 10-07-2020 00:00

Europees Parlement heeft ingestemd met de controle van het jaarverslag van de Europese Investeringsbank (EIB) 2018. Het rapport van GroenLinks-Europarlementariër Bas Eickhout geeft aanbevelingen om de EIB tot een klimaatbank om te vormen en de transparantie van besluitvorming te verbeteren.

Eickhout: “De EIB krijgt een steeds belangrijkere rol in de financiering van de Europese economie en is een sleutelspeler in het economisch herstel van de coronacrisis. De miljarden die de EIB beheert zijn publiek geld en moeten dus terecht komen in een toekomstbestendige economie.”

De EIB heeft ambitieuze doelen gesteld om per 2025 de helft van het geld aan klimaat en milieubescherming te besteden en in 2020 alle investeringen af te stemmen in lijn met het klimaatakkoord van Parijs, om zo de ‘klimaatbank van Europa’ te worden. Maar in 2018 ging de EIB nog akkoord met de miljardenfinanciering van verschillende gigantische gasprojecten. Op voorstel van Eickhout vraagt het Europees Parlement aan de EIB opheldering over hoe dergelijke projecten te rijmen zijn met de belofte van de EIB om alle financiering af te stemmen met de klimaatdoelen.

Fossiele energie

De EIB besloot vorig jaar tot het stoppen met financieren van fossiele energie per 2021, hoewel er uitzonderingen blijven bestaan. De volgende belangrijke stappen zijn de precieze uitwerking van het klimaatbeleid en de herziening van het leningenbeleid aan de transportsector. Het Eickhout-rapport merkt op dat de EIB de afgelopen jaren te veel investeerde in wegen en luchtvaart en te weinig in treininfrastructuur. Het Europees Parlement wil dat de Europese Commissie de Europese taxonomie, die bepaalt wat duurzame investeringen zijn, uitbreidt naar definities voor schadelijke investeringen. Deze taxonomie kan dan ook worden toegepast door de EIB. Ook wil het Europees Parlement dat de EIB alleen financiële steun geeft aan bedrijven die geloofwaardige doelen hebben hun uitstoot te verlagen.

Eickhout: “De EIB beweegt in de goede richting, maar harde afspraken zijn nodig om te zorgen dat er echt geen publiek geld meer gaat naar investeringen die het klimaat en de biodiversiteit schaden.”

Financiering

Het rapport benadrukt ook het belang van transparante en democratische besluitvorming over de financiering door de EIB. De lidstaten en de Europese Commissie nemen besluiten vaak zonder dat parlementen precies weten wat er speelt. Op voorstel van Eickhout eist het Europees Parlement dat de Europese Commissie voortaan openheid geeft over haar opstelling in de Raad van Bestuur van de EIB. Eickhout: “Om de gevolgen van de coronacrisis aan te pakken, heeft de bank de opdracht om 240 miljard euro aan extra financiële steun en investeringen te financieren. De controle op de miljarden die deze bank in handen heeft, moet echt beter.”

Evaluatie abortuswet: gemiste kans om de wet zorgvuldiger te maken

ChristenUnie ChristenUnie Nederland 29-06-2020 19:55

Door Carla Dik-Faber op 29 juni 2020 om 21:41

Evaluatie abortuswet: gemiste kans om de wet zorgvuldiger te maken

Het was best spannend dat juist dit kabinet, met partijen die op medisch ethisch gebied soms lijnrecht tegenover elkaar staan, de abortuswet ging evalueren. Toch is dat wat we gedaan hebben, omdat het voor iedereen goed is te weten hoe de wet in de praktijk uitpakt. Afgelopen week verscheen dan eindelijk die langverwachte evaluatie van de Wet afbreking zwangerschap, zoals de wet officieel heet.

De ChristenUnie is nooit een voorstander van deze wet geweest en ik vind het daarom des te belangrijker dat de wet nu die er dan toch is in ieder geval zorgvuldig wordt uitgevoerd. Met oog voor de bescherming van het ongeboren leven én goede zorg voor onbedoeld zwangere vrouwen. Ik was dan ook benieuwd met welke nieuwe inzichten de onderzoekers zouden komen.

Helaas is het resultaat nogal magertjes. Dat erkennen de onderzoekers zelf overigens ook: het rapport is minder representatief dan men zou willen. Niet alle abortusklinieken wilden meewerken (waarom niet?) en er is ook niet gesproken met vrouwen die hebben afgezien van een abortus. Dat leidt al met al tot een rapport met een wankele onderbouwing. Zo worden vooral aanbevelingen gedaan om de uitvoering van de abortuspraktijk efficiënter te maken. Terwijl de vraag toch moet zijn: pakt de wet uit zoals die bedoeld is? Is de abortuspraktijk – wat je daar verder ook van vindt – een zorgvuldige uitvoering van die wet?

Als ik de evaluatie lees, concludeer ik dat die vraag op lang niet alle punten beantwoord wordt. Sterker: in het rapport staan voorstellen die daarmee op gespannen voet staan.

24-wekengrens

Zo staat in het rapport het voorstel om de grens voor abortus wettelijk vast te leggen op 24 weken. Een nogal ‘conservatief’ voorstel, omdat men hiermee geen ruimte laat aan medisch technologische ontwikkelingen die zorgen voor een steeds lagere grens van levensvatbaarheid buiten de baarmoeder – die grens aanhouden ligt veel meer voor de hand, gezien het idee dat de wetgever bij de wet had: een kind dat levensvatbaar is beschermen.

In het rapport mis ik ook de erkenning dat abortus niet ‘normaal medisch handelen’ is. Het zou goed zijn gewoon te erkennen dat er altijd sprake is van een dilemma en dat abortus geen gemakkelijke keuze is. Aan het begrip ‘noodsituatie’ heeft men de vingers niet willen branden. Ik kan er begrip voor opbrengen dat het allereerst aan vrouwen zelf is om te bepalen wat een noodsituatie is. Maar wat dat dan precies is, blijft in het midden. In het kader van transparantie en evaluatie van zorgvuldige uitvoering van de wet - waar steeds de belangenafweging tussen het ongeboren leven en de zwangere moet worden gemaakt - is dit niet uit te leggen.

Keuzehulp

Een zorgwekkende uitkomst van het rapport is dat abortusartsen lang niet altijd de alternatieven voor abortus bespreken. Vrouwen hebben daar gewoon recht op, het past bij goede hulpverlening en dit niet doen is zelfs in strijd met de wet. Net als bij euthanasie is er niet een automatisch recht op abortus en moet de arts zich ervan vergewissen dat het gaat om een vrijwillig en weloverwogen verzoek, waarbij ook het belang van het ongeboren leven nadrukkelijk een plek heeft in de afweging. Daarnaast is er  in Nederland goede keuzehulpverlening om vrouwen te begeleiden. Toch verwijzen artsen maar weinig door naar deze onafhankelijke en gespecialiseerde hulpverleners. Er is dus werk aan de winkel: keuzehulpverlening moet beter bij artsen op het netvlies komen. Daarom stel ik voor dat de Leidraad ongewenste zwangerschap beter voor het voetlicht wordt gebracht, zowel bij huisartsen als in de samenleving.

Ronduit zorgelijk vind ik de ontwikkeling dat abortusmedicatie ook via internet verkrijgbaar is. Daartegen zouden toch ook huisartsen en abortusartsen in het geweer moeten komen. Op deze manier wordt namelijk de hele zorgverlening overgeslagen en dat lijkt me onbestaanbaar. Veel liever zou ik zien dat onbedoeld zwangere vrouwen eerst langs de huisarts gaan voor een verwijsbriefje, net zoals wanneer je een KNO-arts of dermatoloog nodig hebt. Dat dit de toegang tot abortuszorg zou beperken, zoals de onderzoekers stellen, is veel te ver gezocht. Het gaat juist om het erkennen van de huisarts in zijn professionele rol en het bieden van de beste zorg aan vrouwen. Nu de jaren ’70 al bijna vijftig jaar achter ons liggen, hoop dat we hierover een open dialoog kunnen voeren.

Opnieuw evalueren

De commissie beveelt aan om de wet voortaan periodiek te evalueren. Dat is een goed voorstel. Wat mij betreft doen we dit, net als bij de Euthanasiewet, iedere vijf jaar. Dat biedt kansen voor een volgende evaluatie.

Ik hoop dat zo’n volgende evaluatie vooral ingaat op de vraag hoe de abortuspraktijk in ons land zorgvuldiger kan. Door dilemma’s open op tafel te leggen, ontstaat er ook ruimte voor een dialoog over wat er beter kan, beter moet. Deze evaluatie is wat ons betreft een gemiste kans.

Aangepaste Wet Open Overheid ingediend | GroenLinks

GroenLinks GroenLinks D66 Nederland 29-06-2020 00:00

Vandaag dienen GroenLinks en D66 een aangepaste versie van de Wet Open Overheid (Woo) in. De nieuwe wet zorgt ervoor dat overheidsinformatie beter vindbaar en beschikbaar is.

Bijvoorbeeld omdat overheden meer informatie uit zichzelf openbaar moeten maken. Ook hebben burgers en journalisten met de komst van de wet gemakkelijker toegang tot informatie. Dit versterkt de democratie. Ook recent hebben we weer verschillende voorbeelden gezien waarbij pas na speurwerk van journalisten informatie boven tafel kwam. Het controleren van de overheid is één van de belangrijkste taken van de journalistiek en de overheid moet dat faciliteren. Daarvoor is ook een cultuurverandering nodig. De Woo zal daarbij helpen door de nieuwe normen in de wet vast te leggen.

GroenLinks Kamerlid Bart Snels: ‘De overheid is van ons allemaal en dus is de informatie van de overheid ook van ons allemaal. In een goed werkende democratie zorgen we daarom voor het openbaar maken van die informatie’.

Steven van Weyenberg, Kamerlid D66: 'Openbaarheid moet een kernwaarde van de overheid zijn. Er ligt nu een goed uitvoerbaar wetsvoorstel, zodat we eindelijk een flinke stap vooruit kunnen gaan zetten.'

Het oorspronkelijke wetsvoorstel werd door GroenLinks en D66 in 2012 ingediend. De WOO dient ter vervanging van de verouderde Wob (Wet Openbaarheid van Bestuur). In 2016 werd de wet door de Tweede Kamer aangenomen, maar in de Eerste Kamer waren er bezwaren over de uitvoerbaarheid. Er is lang onderhandeld met het kabinet, maar het aangepaste wetsvoorstel maakt de Woo uitvoerbaar. De aangepaste versie van de wet zorgt ervoor dat de wet duidelijker is. Er zijn ook een aantal technische wijzigingen aangebracht en er komt een Adviescollege  om de informatiehuishouding te moderniseren en er voor te zorgen dat de wet geïmplementeerd wordt.

Na de zomer debatteert de Tweede Kamer over het aangepaste voorstel. Als de Kamer het aanpaste voorstel steunt zal de aangepaste wet daarna in de Eerste Kamer behandeld worden.

Dit zijn de grootste verkeersproblemen van Nederland

SGP SGP Nederland 25-06-2020 00:00

Van de haakse bocht in de N57 tot knooppunt A1-A30. En van Zeeland tot Overijssel. Lees hier de spreektekst van Kamerlid Chris Stoffer voor het algemeen overleg in de Kamer over het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT).

De Mobiliteitsalliantie heeft een onderzoek gepresenteerd naar mobiliteit en corona. Enkele aanbevelingen zijn: doorpakken met het stimuleren van thuiswerken en het spreiden van het vervoer, het versnellen van investeringen in mobiliteitshubs en extra inzet op verkeersveiligheid, omdat meer mensen de fiets pakken. Drie zaken die ik de minister graag voor wil leggen. Hoe gaat zij dit oppakken?

N35 Het gaat niet goed op de N35. Op deze belangrijke hoofdader tussen Enschede en Zwolle moet je dwars door het dorp Mariënheem, acht keer in de remmen voor verkeerslichten en zie je dat automobilisten vanwege de drukte moeilijk de weg opkomen, met alle risico’s van dien. De verkeersintensiteit is vergelijkbaar met Rijks N-wegen die wel als autoweg zijn ingericht en voldoet niet aan de veiligheidseisen. De drukte neemt toe. Dat de regio staat te springen om aanpak van de N35 blijkt wel uit het feit dat ze zelf 120 miljoen euro eraan bij willen dragen en zelfs voor willen financieren. De Kamer heeft via verschillende moties gevraagd om de marsroute N35 met prioriteit op te pakken. De minister schuift het nog voor zich uit. Pak deze handschoen op en start op korte termijn een MIRT-verkenning. Dit mag niet geparkeerd worden tot de volgende verkiezingen!

Knooppunt HoevelakenDe SGP vraagt ook aandacht voor de moeizame gang van zaken bij de aanpak van knooppunt Hoevelaken, eentje uit de filetop-10. De files op het knooppunt drukken zwaar op de omgeving, onder meer door veel sluipverkeer. Waar blijft het Tracébesluit? Graag actie.

GorinchemOok de aanpak van de A27 Houten – Hooipolder sleept maar voort. Gorinchem loopt hier keihard tegenaan. Zonder nieuwe afslag geen nieuw regionaal bedrijventerrein. Kan de aanleg van het wegvak met deze afslag versneld worden?

Haakse bocht N57Wie het kleine niet eert, is het grote niet weert: In de N57 bij Burg-Haamstede zit een haakse bocht waar automobilisten opeens op de rem moeten, van 100 naar 30 km/uur. Voor Tourrenners werd extra asfalt gelegd, maar onze automobilisten mochten daar geen gebruik van maken. Laat ook onze automobilisten doorrijden, zou ik zeggen.

InstandhoudingDe tekorten voor instandhouding van bestaande infrastructuur gaan de komende tien jaar fors oplopen. Een miljard euro per jaar extra voor instandhouding van het spoor betekent nogal wat. De minister laat het aan het volgende kabinet over om hier keuzes in te maken. Kan de minister alvast een duiding geven van wat dit betekent als je het bestaande totaalbudget zou handhaven? Ik wil in dit debat graag het belang van voldoende budget voor instandhouding benadrukken. Het mag niet in de verdrukking komen. Zorgt de minister voor voldoende capaciteit en budget voor Rijkswaterstaat om de grote opgaven aan te kunnen?

VrachtwagenheffingProvincies en gemeenten maken zich zorgen over de invoering van de vrachtwagenheffing en de gevolgen voor de verkeersveiligheid op het onderliggende wegennet. Als er serieuze knelpunten zijn, moet er snel geschakeld worden. Daar moeten niet een paar maanden overheen gaan, maar een paar weken. Zorgt de minister ook voor financiële ondersteuning als tijdelijke maatregelen genomen moeten worden?

De N3 bij Dordrecht valt er niet onder. Regio geeft aan dat de weg al heel druk is en ook gebruikt wordt voor vervoer van gevaarlijke stoffen. Graag aandacht voor de gevolgen voor dit wegtraject. Is het niet mogelijk om te werken met een lijstje risicotrajecten die zo nodig in korte tijd onder het systeem van vrachtwagenheffing gebracht kunnen worden?

VerkeersveiligheidWaar blijft het onderzoek van Rijkswaterstaat naar de toepassing van rijstrookscheiding op enkelbaans autowegen? Onder meer op de N36 gebeuren te vaak ongelukken, omdat zo’n middengeleider ontbreekt. Graag vaart maken en erin investeren.

MerwedebrugWe hebben eerder een punt gemaakt van de vervanging van de Merwedebrug. Er wordt aangekoerst op lagere bruggen. Dat moeten we echt niet willen. Als die brug veertig keer per week extra open moet om containerschepen door te laten, creëren we onze eigen fileproblemen op de drukke A27. Schep duidelijkheid en kies minimaal voor de huidige hoogte.

HartenkreetTot slot nog een hartenkreet. De minister gaat weer honderden miljoenen euro’s extra uittrekken voor de Zuidasdok. Ondertussen worden projecten in de randen van Nederland in de wachtstand gezet. En moeten Zeeuwse automobilisten nog steeds dokken voor een ritje door de Westerscheldetunnel. Het voelt krom. Vergeet Noord-Nederland, de Achterhoek en Zeeland niet!

'Koop Nederlandse waar...'

SGP SGP Nederland 25-06-2020 00:00

In de crisisjaren ’30 was het motto: ‘koopt eigen waar, dan helpen wij elkaar’. Dat motto wil de SGP ook graag hanteren nu Nederland moet beslissen over de vraag welk consortium van bedrijven de miljardenorder moet krijgen voor de bouw van vier onderzeeboten voor de Koninklijke Marine. Chris Stoffer wil dat we in zee gaan met het Zweeds-Nederlandse samenwerkingsverband Saab/Daamen.

In het overleg over Defensiematerieel in de Tweede Kamer herhaalde Stoffer wat hij al eerder in de media al had gezegd over dit miljardenproject: als je de keuze hebt uit drie bedrijven die alle drie goede onderzeeboten afleveren, geef ik de voorkeur aan de leverancier die (het meest) Nederlands is. De Tweede Kamer heeft deze wens met zoveel woorden ook al eerder vastgelegd. In de DIS (Defensie Industrie Strategie), vastgesteld in 2018, staat dat Defensie bij aanschaf van nieuwe spullen waar mogelijk voor Nederlandse bedrijven kiest. Dat kan dan nu.

Stoffer wees er in de Kamer op dat zo’n aanschaf best duur is, maar als je ziet hoe een land als China in vijf jaar tijd acht grote schepen en onderzeeboten aan zijn Marine toevoegde, dan is wel helder dat dat land een geweldige macht opbouwt, ook op zee. Wij in Europa kunnen dan natuurlijk niet achterblijven. Voordeel van het kiezen voor Saab/Daamen is dat een deel van de bouw van de boten in Nederland plaats kan vinden. In dat verband is de positie van Zeeland, met name de scheepswerf in Vlissingen, interessant.

In een motie wil Stoffer de andere partijen dwingen om hierin hun keuze te bepalen.